Bron: Stratix

Snel internet in het buitengebied:

Glasvezel of Draadloos


Overal in Nederland klinkt de roep om snellere en betere internetverbindingen. In de woonkernen, waar doorgaans coaxkabel, glasvezel en/of VVDSL is uitgerold, kan aan die roep gehoor worden gegeven. Daar zijn tegenwoordig downloadsnelheden van 400 Mbit/s (download) of meer beschikbaar voor 97% van de huishoudens. 

 

Maar in het buitengebied, waar coax, glas en Vectoring VDSL zeldzamer zijn, liggen de snelheden vaak beduidend lager. De afhankelijkheid van het verouderde kopernet in het buitengebied is al een probleem op zichzelf. Wie in het buitengebied een aansluiting op de kabel of glasvezel heeft, krijgt daarover dezelfde snelheden aangeboden als burgers binnen de bebouwde kom. 

1 Stratix database gegevens in de Stratix Breedbandatlas: https://www.breedbandatlas.nl.

Echter, voor DSL is dat anders, de gemiddelde snelheid over koper is in het
buitengebied veel lager dan binnen de bebouwde
kom. De haalbare downloadsnelheid van een
DSL-lijn binnen de bebouwde kom lag eind
2017 gemiddeld op 50 Mbit/s, terwijl in het
buitengebied een koperlijn gemiddeld 4 Mbit/s
levert, een aanzienlijk aantal adressen beduidend
minder en 4% geen werkende breedband
(0 Mbit/s) kan krijgen.
De verbindingen van veel bewoners van het buitengebied
sluiten daarmee niet aan bij de eisen
van de nabije toekomst, en nieuwe verbindingen
zijn niet zomaar gerealiseerd. Deze problematiek
geldt niet alleen voor thuiswerkers en
andere particulieren, maar ook voor bijvoorbeeld
ondernemers in het toerisme.
Nieuwe concepten op het gebied van zorg en
onderwijs op afstand zijn eveneens gebaat bij
een snelle en stabiele internetverbinding.

Hetzelfde geldt voor de agrarische sector, waar
data-intensieve cloudtoepassingen een steeds
belangrijkere succesfactor zijn.
Als antwoord op de behoefte van het buitengebied
prijzen diverse aanbieders verschillende
technologieën aan. Verreweg de meest gehoorde
opties zijn bekabeld internet via glasvezel
enerzijds en draadloos internet via 4G/5Gnetwerken
anderzijds. Deze technologieën
worden ten onrechte vaak als gelijkwaardige
alternatieven gepresenteerd.
Daarom is deze whitepaper opgesteld om de nodige
duidelijkheid te verschaffen over de eigenschappen
van beide technologieën en de onderlinge
verschillen.

Glasvezel


Glasvezel maakt het mogelijk data te transporteren
via licht. In de evolutie van datanetwerken
speelt deze technologie al tientallen jaren
een hoofdrol, eenvoudigweg omdat voor dataverkeer
de capaciteit van glasvezelverbindingen
verreweg het grootst is. Oorspronkelijk werd
glasvezel alleen toegepast op hoofdroutes,
omdat daar de meeste capaciteit nodig is. Voor
de distributie naar de woningen en bedrijven
boden de koper- en coaxleidingen van KPN en
kabelbedrijven voldoende capaciteit.
Inmiddels zijn grote delen van die netwerken
door glasvezel vervangen, en rukt glasvezel steeds
verder op richting de particuliere en zakelijke
consument. Na het aansluiten van elke centrale
op glasvezel is nu ook bijna elke straatkast op
glasvezel aangesloten.

 

Intussen zijn we toe aan de laatste fase in de
evolutie: het aanleggen van glasvezel tot in de meterkast van onze woonhuizen en bedrijfspanden,
ook wel genoemd Fiber To The Home
(FTTH) respectievelijk Fiber To The Office
(FTTO). Met name in het minder dicht bevolkte
buitengebied is dat een operatie die veel
kosten met zich meebrengt. Partijen die de netwerken
aanleggen inventariseren daarom eerst
óf en in hoeverre er in een bepaald gebied behoefte
is aan glasvezel. Bewoners en bedrijven
krijgen de vraag of ze een abonnement zouden
willen nemen bij een aanbieder die over het
te bouwen netwerk diensten wil gaan leveren.
Komt deze zogenoemde vraagbundeling uit
boven een vooraf bepaalde norm – veelal 50 tot
60 procent van de adressen – dan kan de
‘verglazing’ van het gebied doorgaan.

4G/5G


Met name in dunbevolkte buitengebieden
wordt draadloos internet via 4G (en op termijn
5G) aangeboden als alternatief voor een vaste
verbinding. Draadloos dataverkeer via zendmasten
is mogelijk sinds de introductie van
GPRS in 2000. Sinds 2007 heeft de technologie
zich snel ontwikkeld en zijn de snelheden (‘bit
rates’) steeds groter geworden. Inmiddels heeft
Nederland een vrijwel dekkend 4G-netwerk, dat
altijd en overal bereikbaar is.

 

Maar ook hier zijn – met name in sommige landelijke
gebieden – plekken waar minder hoge
datasnelheden kunnen worden bereikt dan in
andere gebieden. De in de meeste gevallen grotere
afstand tot de dichtstbijzijnde mast is hiervoor
een belangrijke reden. Momenteel wordt
de transitie naar 5G voorbereid. De hogere
snelheden die dit nieuwe draadloze netwerk
met zich meebrengt, zullen rond 2025
beschikbaar komen.

De vergelijking gaat mank


De veelvuldig gemaakte vergelijking tussen
glasvezel en 4G/5G gaat mank als we beseffen
dat de nabijheid van een glasvezelnetwerk ook
een voorwaarde is voor een hoogwaardige
4G/5G-verbinding. Naar bijna elke 4G/5G-mast
(of andersoortig opstelpunt) loopt een glasvezelkabel
om de noodzakelijke verbinding te maken
met een vast netwerk. Dat geldt ook voor veel
van de nieuwe opstelpunten die erbij zullen
komen in de transitie van 4G naar 5G.

 

(5G biedt meer capaciteit dan 4G, maar daarvoor vereist
het een dichter vertakt netwerk en daarmee meer
opstelpunten.) Operators gebruiken bij voorkeur
glasvezelverbindingen naar hun nieuwe
opstelpunten.
Glas en draadloos zijn dus geen alternatieven.
Er is sprake van een co-evolutie waarin de twee
elkaar nodig hebben. Zeker is dat een 4G/5Gnetwerk
ondenkbaar is zonder de aanwezigheid
van een glasvezelnetwerk.

Figuur 2: Glasvezel is de basis voor ieder telecomnetwerk, draadloos of vast (ook bij koper en coax)

Heeft glasvezel dan helemaal geen nadelen?


De komende jaren zal het dataverkeer sterk blijven
toenemen. Glasvezel is bij uitstek de technologie
om de ontwikkelingen bij te houden. Nu al
zijn voor klantverbindingen up- en downloadsnelheden
tot 1 Gbit/s mogelijk, en de meeste
apparatuur voor huisaansluitingen kan al
minimaal het tienvoudige aan. Bij bepaalde
professionele apparatuur gaat dat zelfs tot 100
Gbit/s en onderzoeksprojecten zijn nog veel verder.
Zo werd in 2012 een record geboekt van
1 Petabit (= 1.000.000 Gigabit) per seconde over
50 kilometer4 over een enkele glasfiber. Bovendien
biedt in Nederland een huisaansluiting op
glasvezel (in tegenstelling tot bijvoorbeeld kabel)
meestal toegang tot een open netwerk, waarbij
de consument kan kiezen uit meerdere dienstaanbieders.
Toch zijn er ook kanttekeningen te
maken. Afgezien van de aanzienlijke kosten
die verbonden zijn aan de aanleg van een
glasvezelnetwerk heeft glasvezel in elk geval één
nadeel dat niet geldt voor het aloude kopernetwerk
dat ooit puur voor telefonie werd aangelegd:

 

 

als de stroom uitvalt, is de glasvezelverbinding
ook verbroken. Theoretisch kan er dan via de
koperen lijn met ‘klassieke’ telefoons nog gebeld
worden; deze toestellen ontvangen hun stroom
via de telefooncentrale, als die een eigen noodstroomvoorziening
heeft. Maar dit geldt alleen
voor een beperkt aantal (zo’n 800.000) telefoons
in Nederland, en bijvoorbeeld niet voor draadloze
DECT telefoons die bijna iedereen gebruikt,
of voor telefoons achter een DSL (koper) of
DOCSIS (kabel) modem. Al deze apparaten werken
ook niet als de stroom uitvalt. Overigens
wordt bij stroomuitval ook een groot deel van de
4G/5G-verbindingen afgeschakeld, omdat ook
opstelpunten beperkte noodstroomvoorzieningen
hebben. En juist doordat er geen electrische
stroom doorheen gaat is een glasvezelverbinding
veel energiezuiniger dan coax- of koperverbindingen
en wordt het mogelijk om sneller, meer
data over langere afstanden te vervoeren.
De grenzen daarvan zijn nog lang niet in zicht.

4 http://www.ntt.co.jp/news2012/1209e/120920a.html

Nu of nooit?


Het mag duidelijk zijn: ongeacht of iemand nu
wel of niet wil kiezen voor 4G/5G, zonder glasvezel
kan er geen sprake zijn van snel internet
in het buitengebied. Toch lijkt de aanleg van
FTTH/FTTO-netwerken hier en daar te stagneren
doordat vraagbundelingen niet leiden tot
het vereiste draagvlakpercentage. Kennelijk hebben
sommige mensen het gevoel dat glasvezeltechnologie
iets is wat ze op dit moment nog
niet nodig hebben. Ook wordt vaak – conform
de wet van Moore – geredeneerd dat alle
techniek op termijn vanzelf goedkoper wordt.
Het is waar dat de kosten voor de aanleg van een
glasvezelkabel naar een woning de afgelopen



jaren fors gedaald zijn. Maar de curve vlakt af;

veel lager dan nu zullen de kosten niet meer
worden. Intussen gaan de technologische ontwikkelingen
in een hoog tempo door, en telkens
als een FTTH/FTTO-netwerk ergens níet wordt
aangelegd, neemt de kans toe dat het in de
omgeving ook niet gebeurt. Wie achteraf op
individuele basis alsnog wil kiezen voor glasvezel
tot aan de meterkast, moet rekenen op
aanzienlijke wachttijden en hoge kosten – als het
überhaupt al mogelijk is. Kortom, voor veel
bewoners van buitengebieden is de keuze voor
glasvezel wel degelijk een kwestie van nu of nooit.

Sluit Menu